
De Wilhelminakerk bestaat honderd jaar
BUSSUM Op zondag 31 mei om 14.00 uur wordt in een kerkdienst het 100-jarig bestaan van de kerk gevierd. Bij die gelegenheid wordt ook het boekje ‘Honderd jaar Wilhelminakerk in Bussum’ gepresenteerd.
Op dinsdag 2 juni om 19.30 uur geeft de auteur van het boekje een lezing over dit onderwerp, eveneens in de Wilhelminakerk. Het boekje is zowel na de kerkdienst op 31 mei als na de lezing op 2 juni verkrijgbaar.
In het boekje komt de geschiedenis van de honderdjarige aan de orde. En niet alleen die van de Wilhelminakerk, maar ook die van andere kerken in Bussum. Want kerken zijn/waren er in Bussum in overvloed, van allerlei geloven en van alle leeftijden. Zo werden er alleen al tussen 1921 en 1931 maar liefst acht kerken in Bussum gebouwd. In die periode nam het aantal nieuwe Bussumers sterk toe. Bussum was ‘booming’ als forenzen- en villadorp.
In dit artikel een paar aardige feiten die de kerk en kerkmensen betreffen.
De beste jaren
De jaren vijftig van de vorige eeuw waren, zeker in kwantitatief opzicht, de beste jaren van de gereformeerde kerken, waartoe ook de Wilhelminakerk behoorde. Zo had de Wilhelminakerk ongeveer 2600 leden, 3 predikanten, 25 ouderlingen, 9 diakenen, 15 collectanten, een zendingscommissie, een evangelisatiecommissie, 2 zondagsscholen, 2 handwerkclubs, een volwassenen- en een jeugdbibliotheek, een verjaardagsfonds, 2 jongelingsverenigingen, een meisjesvereniging, 3 jongens- en 3 meisjesclubs, een mannenvereniging en een kerkkoor.
De zondagse kerkdiensten werden massaal bezocht, zeker als er een landelijk bekende predikant voorging. Zo preekte op zondagmiddag 5 april 1959 de populaire tv-dominee en dichter Okke Jager. De Wilhelminakerk zat met 1000 kerkgangers stampvol. ‘s Morgens was hij al voorgegaan in de (hervormde) Vredekerk en ‘s avonds preekte hij ook nog in de Zuiderkerk. Het rijke protestantse leven!
De toren
De Wilhelminakerk kreeg in 1926 wel een toren, maar geen klok en geen uurwerk. Een luidklok kwam er pas in juni 1937. Tijdens de bezetting werd de luidklok geroofd door de Duitsers: ze lieten de klok domweg naar beneden vallen, wat in het portaal een krater veroorzaakte.
In 1949 kwam er een nieuwe klok. Gemeenteleden hadden daar geld voor ingezameld. Deze nieuwe luidklok met klepel weegt ongeveer 1400 kilo en hangt op een hoogte van ruim 30 meter (150 traptreden) achter de galmgaten. Op de klok staat de volgende tekst te lezen: Door roof verloren / in vree herboren / nodigt tot Hem / mijn bronzen stem / Anno Domini 1949.
Pas in 1961 kwam er een uurwerk en kwamen er wijzerplaten aan de toren.
In 2006 is de toren totaal gerestaureerd. Voorheen vielen door het luiden van de klok soms stenen naar beneden. Dat kwam doordat de klok was opgehangen aan een ijzeren staaf die in de muur was gemetseld. Door de trillingen lieten de stenen los. Dit euvel is verholpen door de klok in een ijzeren kooi te hangen. Het is de enige klok in Bussum die dag en nacht zichtbaar de tijd aangeeft en overdag ook nog eens de hele en halve uren slaat.
Akoestiek
De akoestiek van de kerk was vanaf de bouw in 1926 zeer slecht. De dominee moest bijna schreeuwen om achteraan op de gaanderij te worden verstaan. Het verhaal gaat dat er na de dienst een geklutst eitje voor hem klaar stond om zijn schorre keel te smeren.
Na eindeloos getob om daar verbetering in te brengen met behulp van juten zakken en touwbespanning, dacht men er iets op gevonden te hebben. Boven de preekstoel kwam een vooruitstekende schelp, bedoeld om het geluid te versterken. Dit gebeurde inderdaad, maar helaas in omgekeerde zin. Het gevolg was dat de dominee, op de kansel staande, bij wijze van spreken in de kerk een speld kon horen vallen, terwijl de kerkgangers de dominee nog steeds niet konden verstaan De schelp is pas weggebroken bij een latere verbouwing, toen er ook een deugdelijke geluidsinstallatie kwam.
Mocht u het hele verhaal willen lezen of willen horen kom dan 31 mei naar de kerkdienst of 2 juni naar de lezing.
Bronnen:
Jaarboekje 1951 van de gereformeerde kerk Bussum; D. van der Stoep e.a. Opnieuw in de houten broek. Baarn 1959. De foto van de Cantorij is verbeterd en ingekleurd door Mark Nap, het Familie Archief.
Klaas Oosterom

